Kun je naar een psycholoog zonder dat je ouders het weten

Kun je naar een psycholoog zonder dat je ouders het weten?

Je zit niet goed in je vel, maar je wil er eigenlijk met niemand over praten. Behalve met iemand die je echt begrijpt en kan helpen, zoals een psycholoog. Wist je dat je ook naar een psycholoog kan zonder dat je ouders het weten? Zo werkt het.

Behandeling bij een ggz-instelling

De geestelijke gezondheid (ggz) is in Nederland wettelijke gereguleerd, onder andere door middel van de Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO).[1] Hierin staan regels over het al dan niet op de hoogte stellen van de ouders van minderjarigen.[2] Psychologen van ggz-instellingen moeten zich hieraan houden. Wie moet er wettelijk van op de hoogte zijn als jij als minderjarige met een ggz-psycholoog wil praten?[3]

Tot en met 15 jaar

Ben je nog geen 16 jaar? Dan moeten allebei je ouders toestemming geven voor de behandeling van een psycholoog. Ze komen dan ook te weten waarom je in therapie wilt. Ook kunnen ze je dossier opvragen.

Vanaf 16 jaar

Ben je 16 jaar of ouder? Dan beschouwt de WGBO je als volwassen en heb je geen toestemming van je ouders nodig. In de praktijk is het wel lastig de therapie voor je ouders verborgen te houden, want de gemeente is bijvoorbeeld nog verantwoordelijk voor de financiële afhandeling ervan. Het kan dus zo zijn dat de gemeente of ggz-instelling je post naar je huisadres stuurt.

Vanaf 18 jaar

Ben je 18 jaar of ouder? Dan val je onder de zorgverzekeringswet en vergoedt je zorgverzekering de kosten van therapie. De gemeente is dan niet meer op de hoogte, maar je zorgverzekeraar wel. Ben je nog met je ouders meeverzekerd, dan krijgen zij de rekening voor het eigen risico.

Behandeling bij je huisarts

Een andere optie is om je huisarts om hulp te vragen. De meeste huisartsenpraktijken werken samen met een praktijkondersteuner (POH-GGZ) die de huisarts ondersteunt met psychische zorg. Deze zorg valt onder je basisverzekering en spreekt dus niet je eigen risico aan. Je krijgt er geen rekening voor op de mat. Je ouders kunnen wel te weten komen dat je naar de huisarts geweest bent, maar niet waarvoor.[4]

Behandeling bij een particuliere zorginstelling

De psychologen van een particuliere zorginstelling zoals De Online Psycholoog hebben geen toestemming van je ouders nodig. Je kunt bij ons zelfs volledig anoniem terecht, zonder ook maar je naam te noemen, als je je daar comfortabeler bij voelt. Ook heb je geen diagnose of doorverwijzing van je huisarts nodig en kom je niet op een wachtlijst terecht. Onze ervaren en gediplomeerde psychologen delen jouw gegevens bovendien niet met derden: niet met je huisarts, niet met je zorgverzekeraar en niet met je ouders.

  • therapie waar en wanneer jij wilt
  • indien gewenst volledig anoniem
  • keuze uit verschillende psychologen
  • geen wachtlijst
  • via (video)bellen, e-mail of chat

Kosten en vergoeding

Particuliere zorg krijg je helaas niet vergoed. Gelukkig kun je bij De Online Psycholoog ook voor enkele sessies terecht en zit je niet vast aan een bepaald behandelpakket. We zijn altijd transparant over de kosten.

De stap naar een psycholoog zetten kan best spannend zijn. Een kennismakingsgesprek is daarom altijd gratis en vrijblijvend. Wij luisteren graag naar je verhaal en geven je een passend advies.

     

    FAQ

    Kan je zonder toestemming van je ouders naar een psycholoog?

    Dat hangt van je leeftijd af. Tot en met 15 jaar word je wettelijk als minderjarig beschouwd en heb je voor therapie toestemming van je ouders nodig. In de particuliere zorg is het wel mogelijk naar een psycholoog te gaan zonder dat je ouders het weten.

    Kun je als minderjarige anoniem in therapie?

    In de geestelijke gezondheidszorg is het lastig volledig anoniem in therapie te gaan. Minderjarigen (tot 16 jaar) hebben toestemming van hun ouders nodig. Ook worden gegevens met je zorgverzekeraar gedeeld. Bij een particuliere zorginstelling zoals De Online Psycholoog kun je wel anoniem in therapie.

    Kun je naar een psycholoog zonder je ouders?

    Ook als minderjarige kun je alleen naar een psycholoog, zonder je ouders. Bijvoorbeeld als je niet goed met je ouders over je problemen kunt praten. Bij De Online Psycholoog kan dit ook volledig anoniem. Je ouders worden er dan niet van op de hoogte gesteld.

     

    Bronnen:

    [1] Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Geneeskunst (KNMG) (2021, 10 februari). Behandelingsovereenkomst (WGBO). Via: Knmg.nl.

    [2] Voor meer informatie over de regelgeving, zie: Nederlands Instituut van Psychologen (2016, 4 november). Minderjarige cliënten. Via: Psynip.nl.

    [3] L. Mulders (2018, 1 september). Kan een jongere naar een psycholoog zonder dat de ouders dat weten? Via: Psychologievandaag.nl.

    [4] Idem.

    Waar vind ik een psycholoog met korte wachttijd

    Waar vind ik een psycholoog met een korte wachttijd?

    Je hebt psychische klachten en hebt bij je huisarts aan de bel getrokken. Die wil je graag doorverwijzen naar een ggz-instelling, maar dat gaat zo eenvoudig niet. Bij de ggz kom je namelijk eerst op een wachtlijst te staan. Gelukkig hoef jij niet langer op kwalitatieve zorg te wachten. Online vind je gediplomeerde en ervaren psychologen met een korte (of zelfs geen!) wachttijd.

    Reguliere ggz heeft lange wachttijd

    Al sinds 2017 kampt de reguliere ggz in Nederland met lange wachttijden, vooral in de grote steden. Dat zou niet mogen. Officieel moet je na doorverwijzing van je huisarts binnen vier weken bij een ggz-instelling terechtkunnen voor een eerste gesprek. Je behandeling moet vervolgens binnen tien weken starten.[1] Aan die eisen wordt echter allang niet meer voldaan. Begin dit jaar was de wachttijd voor de basis-ggz al drie tot bijna zes maanden.[2] In de specialistische ggz wachten cliënten soms wel anderhalf jaar op een behandeling.

    Wachttijd psycholoog verergert klachten

    Helaas verergeren de meeste psychische problemen zolang er geen behandeling plaatsvindt. De lange wachttijd zorgt dus voor een negatieve spiraal: hoe langer mensen moeten wachten, hoe meer psychische zorg noodzakelijk is. Maar het tegenovergestelde geldt ook: snelle, kwalitatieve therapie kan een langdurig behandeltraject in de specialistische ggz voorkomen.[3]

    ‘Overbruggingszorg’ door praktijkondersteuner (POH)

    Om te voorkomen dat de klachten van mensen die bij de ggz op de wachtlijst staan verergeren, wordt steeds vaker een beroep gedaan op de praktijkondersteuner van de huisarts (POH-ggz). De POH behandelt normaal gesproken alleen lichte klachten, maar is nu ook verantwoordelijk voor de zogenaamde ‘overbruggingszorg’. Hierdoor ontstaan ook in de huisartsenpraktijk zelf wachtlijsten voor psychische zorg.[4]

    ‘Langere wachttijden bij de ggz druipen automatisch door naar langere wachttijden bij de POH.’[5]

    Kawa Al Ali, voorzitter van de Landelijke Vereniging POH-ggz

    Direct naar een psycholoog

    Veel mensen denken dat ze voor psychologische zorg een verwijzing nodig hebben. Voor behandeling in een ggz-instelling is dit inderdaad het geval. Er zijn echter ook genoeg gediplomeerde en ervaren psychologen waar je zonder verwijzing terechtkunt – met name online. Therapie online is zo professioneel, effectief en toegankelijk geworden dat het niet langer nodig is maanden op een ‘offline’ behandeling te wachten.

    Geen wachttijd bij De Online Psycholoog

    Door onze unieke werkwijze bieden wij therapie zonder wachtlijst. Een kennismakingsgesprek met onze aanmeldingscoördinator is vrijblijvend en kosteloos en kan al over één of twee dagen plaatsvinden. We koppelen je vervolgens aan een psycholoog binnen ons team die goed met jouw hulpvraag uit de voeten kan. En dat zonder wachttijd! In de meeste gevallen kan je na enkele dagen al met deze psycholoog kennismaken. 

    Overige voordelen van online therapie

    Twijfel je nog? Naast de korte wachttijd heeft online therapie nog veel meer voordelen:

    • Veel mogelijkheden: online therapie is goed op jouw wensen af te stemmen. Zo kun je een (deels geautomatiseerd) zelfhulpprogramma volgen of een compleet op jou afgestemde behandeling op laten stellen.
    • Laagdrempelig en toegankelijk: online therapie is relatief anoniem en vrijblijvend, makkelijk in te plannen en overal toegankelijk. Dat maakt de drempel om er gebruik van te maken een stuk lager.
    • Veel keuze aan psychologen: je bent niet meer afhankelijk van het zorgaanbod bij jou in de buurt. Online kun je een psycholoog vinden die echt bij je past. Bij De Online Psycholoog besteden we hier extra aandacht aan.
    • Effectief: het onderzoek naar online therapie is nog in volle gang, maar belooft veel goeds. In veel gevallen kan een psycholoog je online net zo goed helpen als offline. 

    Ons team bestaat uit gediplomeerde psychologen met uiteenlopende expertises. Wat jouw klacht ook is, wij staan direct voor je klaar.

       

      FAQ

      Wanneer kan ik bij een psycholoog terecht?

      Officieel zou je na doorverwijzing binnen vier weken bij een ggz-instelling terecht moeten kunnen. In de praktijk zijn de wachttijden bij de ggz veel langer. Online kan je vaak wel direct bij een psycholoog terecht. Het team van De Online Psycholoog staat voor je klaar.

      Hoelang is de wachtlijst bij de ggz?

      De ggz kampt al sinds 2017 met wachtlijsten. Voor een behandeling in de basis-ggz is de wachtlijst momenteel drie tot bijna zes maanden. Op specialistische zorg moet je vaak langer wachten, soms wel meer dan een jaar. Een online psycholoog zonder wachttijd biedt uitkomst.

      Waar vind ik een psycholoog met een korte wachttijd?

      Veel mensen weten niet dat je ook zonder verwijzing kwalitatieve psychische zorg kunt krijgen. Het team van De Online Psycholoog bestaat uit gediplomeerde (gz-)psychologen zonder wachttijd. Plan vandaag nog een kosteloos kennismakingsgesprek in.

       

      Bronnen:

      [1] Ministerie van Algemene Zaken (2021, 4 oktober). Krijg ik te maken met wachttijden als ik zorg nodig heb? Rijksoverheid. Via: Rijksoverheid.nl.

      [2] GGZnieuws (2022, 11 januari). GGZ slaat alarm, (basis)psycholoog oplossing voor wachtlijst? Via: Ggznieuws.nl.

      [3] Idem.

      [4] S. Oving (2022, 16 maart). Lange wachtlijsten bij ggz zorgen ook voor drukte bij de praktijkondersteuner. NU. Via: Nu.nl.

      [5] Idem.

      narratieve exposuretherapie

      Hoe werkt narratieve exposuretherapie (NET) bij PTSS?

      Posttraumatische stressstoornis (PTSS) wordt doorgaans behandeld met een vorm van exposuretherapie zoals EMDR-therapie. Maar er zijn meer therapievormen. Een relatief nieuwe, wetenschappelijk onderbouwde therapie is narratieve exposuretherapie (NET). Narratieve exposuretherapie helpt jou (letterlijk!) ‘je verhaal te doen’ en het trauma in een context te plaatsen. En dat is bijzonder effectief!

      Wat is narratieve exposuretherapie (NET)?

      Narratieve exposuretherapie is een kortdurende behandeling voor complex getraumatiseerde PTSS-patiënten.[1]Hiervan is sprake als je langdurig aan trauma blootgesteld bent geweest. Denk bijvoorbeeld aan herhaaldelijk (seksueel) misbruik of langdurig (oorlogs)geweld. NET is in feite een combinatie van twee therapievormen:[2]

      • getuigenistherapie,[3] ofwel narratieve therapie
      • exposuretherapie

      Blootstelling (exposure) aan het trauma is een belangrijk onderdeel van elke vorm van traumatherapie. Uniek aan NET is de combinatie met getuigenistherapie, waarbij je jouw hele levensverhaal reconstrueert en het trauma in een context plaatst.[4]

      Waarom werkt narratieve exposuretherapie ?

      Narratieve exposuretherapie speelt in op de manier waarop we herinneringen opslaan. Traumatische gebeurtenissen gaan gepaard met heftige emoties: gevoelens van angst en paniek, boosheid, ongeloof en wanhoop. Deze emoties schakelen het zogenaamde expliciete geheugen (het gedeelte van ons brein waarmee we logisch nadenken) uit.[5]

      Trauma in impliciet geheugen opgeslagen

      Het gevolg is dat herinneringen aan trauma in het impliciete geheugen worden opgeslagen – niet als gebeurtenissen in een bepaalde tijd en plaats, maar als beelden, geuren, geluiden, gevoelens en lichamelijke reacties. Het trauma krijgt dus geen plekje in ons levensverhaal, ergens in het verleden. In plaats daarvan blijft het in het heden bestaan. Dit zorgt er ook voor dat herinneringen aan het trauma zomaar ineens door triggers kunnen worden opgeroepen. En dan krijg je weer diezelfde gevoelens van angst en paniek – alsof je het trauma opnieuw beleeft.[6]

      Trauma in expliciet geheugen zetten

      Herinneringen in het expliciete geheugen bevatten contextinformatie. Ze zijn chronologisch geordend en gekoppeld aan een bepaalde plaats, omgeving of andere gebeurtenis. Dit soort herinneringen zijn gestructureerd en logisch, en kunnen worden begrepen en naverteld. Ze hebben ‘een plekje gekregen’. Het doel van NET is traumaherinneringen vanuit het impliciete geheugen naar het expliciete geheugen over te hevelen. Dit gebeurt door het trauma in jouw levensverhaal te plaatsen. Zo krijgt het die context die jij voor de verwerking ervan zo hard nodig hebt.[7]

      ‘Het verhaal vertellen en (re)construeren’ zou volgens veel auteurs en therapeuten een wezenlijk onderdeel moeten zijn van iedere (trauma)therapie.’[8]

      Hoe werkt narratieve exposuretherapie ?

      Een psycholoog kan je helpen PTSS met narratieve exposuretherapie te verminderen. De therapie bestaat grofweg uit drie fasen:[9]

      1. Narratieve fase: de psycholoog helpt je met een chronologische reconstructie van jouw levensverhaal, waarin zowel de positieve als negatieve gebeurtenissen aan bod komen.
      2. Exposurefase: de psycholoog zoomt extra in op de traumatische gebeurtenissen. Dit gaat stapje voor stapje en onder professionele begeleiding. De therapeut zal altijd rekening houden met waar jij aan toe bent.  
      3. Herstructureringsfase: de traumatische gebeurtenissen krijgen een plekje op jouw levenslijn en worden zo in jouw verhaal geïntegreerd.

      Resultaat narratieve exposuretherapie

      •  cognitieve herstructurering: traumatische gebeurtenissen worden in de tijd en ruimte verankerd en krijgen eventueel een culturele, maatschappelijke of politieke context. Hierdoor vermengen de herinneringen zich met andere (positieve) herinneringen en ga je ze vanuit een ander perspectief zien.
      • controle en overzicht: door zo actief je verhaal te reconstrueren word je weer een speler in je eigen verhaal in plaats van een machteloos slachtoffer. Dat geeft een gevoel van controle en versterkt het zelfbeeld.
      • verbinding en erkenning: na de therapie kan je beter over het trauma praten, waardoor je meer verbinding met en erkenning van anderen zult ervaren.[10]  

      Heb jij last van trauma of ben je gediagnosticeerd met PTSS? Ons team bestaat uit ervaren traumapsychologen die jou met behulp van verschillende therapievormen verder kunnen helpen. Neem gerust vrijblijvend contact met ons op. We koppelen je graag aan psycholoog die goed bij jou past.

         

        FAQ

        Wat is narratieve exposuretherapie (NET)?

        Narratieve exposuretherapie (NET) is een kortdurende behandeling van complexe PTSS. Het doel van NET is het trauma in de context van jouw levensverhaal te plaatsen. Hierdoor krijgt trauma ‘een plekje’ en word je minder snel overvallen door herbelevingen.

        Waarom werkt narratieve exposuretherapie (NET)?

        Herinneringen aan trauma worden door heftige emoties in het impliciete geheugen opgeslagen – als losse beelden, geluiden, geuren, et cetera. Ze zijn hierdoor niet verankerd in het verleden, maar blijven in het heden voortbestaan. NET helpt deze herinneringen naar het expliciete geheugen te verplaatsen door ze context te geven.

        Hoe werkt narratieve exposuretherapie (NET)?

        Een professioneel traumapsycholoog helpt je je eigen levensverhaal op chronologische wijze te reconstrueren en het trauma daarbinnen te situeren. De traumatische gebeurtenissen worden op die manier in de tijd en ruimte geplaatst en gekoppeld aan andere (ook positieve) gebeurtenissen. 

         

        Bronnen: 

        [1] Het is voor het eerst effectief gebleken in de behandeling van vluchtelingen uit oorlogsgebieden in Soedan, zie: F. Neuner, M. Schauer, C. Klasschik, e.a. (2004). A comparison of narrative exposure therapy, supportive counseling, and psychoeducation for treating posttraumatic stress disorder in an African refugee settlement. Journal of Consulting and Clinical Psychology 72, pp. 579-587.

        [2] R. Jongedijk (2012). Narratieve Exposure Therapie (NET). In: Handboek posttraumatische stressstoornissen, pp. 551-564. De Tijdstroom.

        [3] Getuigenistherapie is oorspronkelijk ontwikkeld voor slachtoffers van het Pinochet-regime in Chili, zie: A. J. Cienfuegos & C. Monelli (1983), The testimony of political repression as a therapeutic instrument. American Journal of Orthopsychiatry 53, pp. 43-51.

        [4] R. Jongedijk (2012). Narratieve Exposure Therapie (NET). In: Handboek posttraumatische stressstoornissen, pp. 551-564. De Tijdstroom.

        [5] R. Jongedijk (2014). Levensverhalen en psychotrauma. Boom Amsterdam, pp. 65-76; R. Jongedijk (2012). Narratieve Exposure Therapie (NET). In: Handboek posttraumatische stressstoornissen, pp. 551-564. De Tijdstroom.

        [6] Idem.

        [7] Idem.

        [8] R. Jongedijk, verwijzend naar: J. Olthof & E. Vermetten (1994). De mens als verhaal. Narratieve strategieën in psychotherapie voor kinderen en volwassenen. De Tijdstroom. Zie: R. Jongedijk (2012). Narratieve Exposure Therapie (NET). In: Handboek posttraumatische stressstoornissen, pp. 551-564. De Tijdstroom.

        [9] R. Jongedijk (2014). Levensverhalen en psychotrauma. Boom Amsterdam, pp. 183-248.

        [10] Idem.

        Heb ik hulp van een psycholoog of psychiater nodig

        Heb ik hulp van een psycholoog of psychiater nodig?

        Het is nogal een wirwar aan hulpverleners in de geestelijke gezondheidszorg. Ook bij De Online Psycholoog zijn verschillende hulpverleners werkzaam, waaronder psychologen en psychiaters. Dit is belangrijk, omdat de vakgebieden van psycholoog en psychiater elkaar aanvullen. Zo leveren wij kwalitatieve zorg voor uiteenlopende psychologische klachten.

        Het verschil tussen psychiater en psycholoog

        Psychiater

        Een psychiater is iets anders dan een psycholoog. Een psychiater heeft een medicijnenstudie en een vervolgopleiding tot psychiater afgerond. Hij of zij is dus arts met een specialisatie in geestesziekten – net zoals een cardioloog in het hart, een orthopeed in het bewegingsapparaat en een oncoloog in kanker gespecialiseerd is. Net als andere artsen mag een psychiater diagnoses stellen, onderzoek uitvoeren, de resultaten daarvan beoordelen en medicatie voorschrijven.

        Psycholoog

        De titel van psycholoog is in Nederland niet beschermt. In principe mag iedereen zich dus psycholoog noemen. Een officiële, BIG-geregistreerde psycholoog heeft echter een masteropleiding in de psychologie op zak. Een gz-psycholoog heeft daarnaast nog een post-masterdiploma behaald. Deze titel is wel beschermd. Een psycholoog is geen arts, maar een gedragswetenschapper. Psychologen werken voornamelijk met gespreks- en gedragstherapie. 

        Psycholoog en psychiater vullen elkaar aan

        In de praktijk vullen psycholoog en psychiater elkaar vaak aan.[1] Een psycholoog analyseert het gedrag van mensen en het effect daarvan op de mentale gezondheid. Heb jij last van depressieve gevoelens? Dan gaat een psycholoog op zoek naar de gedachten- en gedragspatronen die je kunt veranderen om je beter te voelen. Voor veel klachten is therapie bij een psycholoog voldoende, maar bij ernstige klachten kan een psychiater je verder helpen.

        Het werkveld van een psychiater heeft betrekking op de medische of lichamelijke kant van de klachten. Bij ernstige, psychische aandoeningen, zoals chronische depressie, schizofrenie, bipolaire stoornissen of psychoses spelen ook lichamelijke processen een rol. Een psychiater kan hier medicatie voor voorschrijven, zoals antidepressiva, antipsychotica en kalmeringsmiddelen. Met medicatie alleen zijn natuurlijk lang niet alle problemen opgelost. Maar ze zorgen vaak wel voor de stabilisatie en energie die mensen met dit soort aandoeningen nodig hebben om succesvol bij een psycholoog in therapie te gaan.

        ‘Een optimale patiëntenzorg kan via de onderlinge wisselwerking tussen de disciplines het beste gegarandeerd worden.’[2]

        Online de juiste hulpverlener kiezen

        Hoe weet je of je naar een psycholoog of psychiater moet? Daar helpen wij je bij. Op basis van een intakegesprek koppelen we je aan een hulpverlener die jouw specifieke klachten kan behandelen. Ook kunnen onze gediplomeerde psychologen je naar een online psychiater doorverwijzen als ze denken dat dat nodig is.

           

          FAQ

          Heb ik hulp van een psycholoog of psychiater nodig?

          Voor veel klachten is therapie bij een psycholoog voldoende, maar bij ernstige klachten kan een psychiater je verder helpen. Een psycholoog is een gedragswetenschapper, een psychiater een arts, die ook medicatie mag voorschrijven. De Online Psycholoog koppelt jou aan de juiste hulpverlener.

          Wat is het verschil tussen een psycholoog en een psychiater?

          Een psycholoog is een gedragswetenschapper. Hij of zij analyseert het gedrag van mensen en het effect daarvan op de mentale gezondheid. Een psychiater is een arts, die psychische problemen vanuit de medische of lichamelijke kant bekijkt. In de praktijk vullen psycholoog en psychiater elkaar vaak aan.

          Kan ik online naar een psychiater?

          Bij De Online Psycholoog zijn ook online psychiaters aangesloten, gespecialiseerd in online psychiatrie. Zeker als je medicatie gebruikt, is regelmatige controle bij een psychiater belangrijk. Dit kan ook heel goed online. De Online Psycholoog stelt een persoonlijk behandeltraject met de juiste hulpverleners voor je op.

           

          Bronnen:

          [1] L. Mulders (2017, 26 oktober). Het verschil tussen een psycholoog en een psychiater. Via: Psychologievandaag.nl.

          [2] A. P. J. Höppener (1982). Psychiater en psycholoog in het algemeen ziekenhuis, samen of apart. Tijdschrift voor psychiatrie 24(2), pp. 89-100. Via: Tijdschriftvoorpsychiatrie.nl.

           

          In een oogwenk de psychologie achter de eerste indruk

          In een oogwenk: de psychologie achter de eerste indruk

          Bij een sollicitatiegesprek, een eerste date of het ontmoeten van de ouders van je nieuwe vlam: de eerste indruk telt. Dat dit niet voor niets een cliché is, heeft onderzoek aangetoond. We zijn ontzettend goed in het razendsnel beoordelen van een ander. Hoe doen we dat en hebben we er invloed op?

          Een eerste indruk vormen

          Binnen 0,2 seconden hebben we de anders fysieke aantrekkelijkheid beoordeeld. En binnen twee seconden weten we of iemand veilig is of een gevaar vormt.[1] Een volledige eerste beoordeling hebben we binnen dertig seconden klaar.[2] Handig, want zo kunnen we snel beslissingen maken die ons vooruit helpen of tegen gevaar beschermen. De eerste indruk is dus een evolutionaire uitvinding.

          Thin slicing

          De informatie waar we onze eerste indruk op baseren wordt in de psychologie een thin slice genoemd.[3] Vaak kunnen we zelf helemaal niet meer navertellen waarom we iemand op een bepaalde manier hebben beoordeeld, maar onderzoek wijst uit dat die thin slice uit allerlei gedetailleerde visuele en verbale informatie bestaat. Gek genoeg blijken stereotypen en culturele normen en waarden helemaal niet zo’n grote rol te spelen. We letten in plaats daarvan veel meer op onopvallende kenmerken, zoals oogbewegingen, gezichtstrekken, handgebaren en houding.[4]

          Accuraatheid eerste indruk

          Uit een bekend onderzoek van Nalini Ambady en Robert Rosenthal blijkt bovendien dat onze eerste indruk in de meeste gevallen correct is. Deze onderzoekers lieten studenten drie clips van tien seconden van een hoorcollege zien en vroegen de studenten naar hun eerste indruk van de professor. Die indruk bleek grotendeels overeen te komen met de beoordelingen van studenten die de professor al langer kenden.

          ‘These findings demonstrate the wealth of information conveyed in thin slices of behavior and the unexpected accuracy of judgments based on these slices.’[5]

          Dat beaamt ook Roos Vonk, auteur van het boek De eerste indruk. Al die kleine stukjes informatie zijn ongelofelijk veelzeggend. Zo zegt iemands uiterlijk ook iets over diens gezondheid. De manier van bewegen en mimiek vertelt ons een hoop over gevoelens en gedachten. En gedrag en taalgebruik zegt veel over iemands persoonlijkheid.[6]

          Het belang van de eerste indruk

          Omdat we het zo vaak meteen bij het rechte eind hebben, raad Malcolm Gladwell ons – in het boek Blink – aan die eerste indruk serieus te nemen. We verspillen vaak veel tijd door rationeel over een persoon na te denken, terwijl onze eerste indruk vaak niet meer verandert. En als dat al wel zo is, heeft ons rationele brein het vaker fout.[7]

          Eerste indruk verandert niet

          De eerste indruk is dus ook belangrijk omdat we er maar moeilijk weer vanaf komen. Als je eenmaal hebt geconstateerd dat iemand arrogant is, dan interpreteer je volgend gedrag ook eerder als arrogant. Hierdoor wordt je eerste indruk van de ander bevestigd en versterkt.[8]

          Een goede eerste indruk maken

          Fronsen, met je handen friemelen en naar beneden staren gaan je geen goede eerste indruk opleveren. Wat wel? De volgende eigenschappen en gedragingen worden over het algemeen positief beoordeeld:[9]

          •       (glim)lachen
          •       een open houding
          •       ontspannen rondlopen
          •       het eigen bovenlichaam aanraken
          •       de perfecte handdruk geven

          Deze tips kunnen je wellicht een handje helpen als je die eerste indruk hard nodig hebt, maar volgens Vonk hebben we er bijzonder weinig aan. Omdat die eerste thin slice barstensvol informatie zit, is het volgens haar onmogelijk die informatieoverdracht bewust te controleren of te manipuleren.[10] Gewoon jezelf blijven, dus – dat is ook niet voor niks een cliché.

          Kan je nog hulp gebruiken? Neem dan contact op met onze relatietherapeut.

             

            FAQ

            Klopt onze eerste indruk?

            Ja, onze eerste indruk van een ander klopt bijna altijd. We baseren onze eerste indruk op een zogenaamde thin slice van informatie, bestaande uit allerlei details, zoals uiterlijk, mimiek en gedrag. Die details vertellen ons zoveel over de ander dat we vaak een correcte eerste indruk krijgen!

            Hoe kan je een goede eerste indruk maken?

            Glimlachen, een open houding aannemen en de perfecte handdruk geven helpen je ongetwijfeld een handje. Toch is het onmogelijk de eerste indruk die je achterlaat volledig te controleren. De ander kan binnen enkele seconden zoveel informatie over jou verwerken en beoordelen – dat kun je niet bewust manipuleren.

            Hoe snel vormen we een eerste indruk?

            We hebben al binnen een paar seconden een eerste indruk van een ander. Sterker nog, binnen 0,2 seconden hebben we bepaald of de ander fysiek aantrekkelijk is. Na een halve minuut hebben we een oordeel gevormd dat in de meeste gevallen correct en blijvend is.

             

            Bronnen:

            [1] R. Vonk (2017). De eerste indruk. Van Haren Publishing.

            [2] N. Ambady & R. Rosenthal (1993). ‘Half a minute: Predicting teacher evaluations from thin slices of nonverbal behavior and physical attractiveness’, Journal of Personality and Social Psychology 64(3), pp. 431-441. Via: APA PsycNet.

            [3] N. Ambady & R. Rosenthal (1992). ‘Thin slices of expressive behavior as predictors of interpersonal consequences: A meta-analysis’, Psychological Bulletin 111(2), pp. 256-247. Via: APA PsycNet.

            [4] N. Ambady & R. Rosenthal (1993). ‘Half a minute: Predicting teacher evaluations from thin slices of nonverbal behavior and physical attractiveness’, Journal of Personality and Social Psychology 64(3), pp. 431-441. Via: APA PsycNet.

            [5] N. Ambady & R. Rosenthal (1993). ‘Half a minute: Predicting teacher evaluations from thin slices of nonverbal behavior and physical attractiveness’, Journal of Personality and Social Psychology 64(3), pp. 431-441. Via: APA PsycNet.

            [6] R. Vonk (2017). De eerste indruk. Van Haren Publishing.

            [7] M. Gladwell (2007). Blink: The Power of Thinking Without Thinking. Little, Brown.

            [8] Verken je geest (2018, 14 september). Onze eerste indrukken: het beginpunt van elke relatie. Via: Verkenjegeest.com.

            [9] Tijdwinst.com (2021, 15 juni). De bizarre wetenschap achter de 1e indruk (en hoe je een goede maakt). Via: Assertief.nl; N. Ambady & R. Rosenthal (1993). ‘Half a minute: Predicting teacher evaluations from thin slices of nonverbal behavior and physical attractiveness’, Journal of Personality and Social Psychology 64(3), pp. 431-441. Via: APA PsycNet.

            [10] R. Vonk (2017). De eerste indruk. Van Haren Publishing.

             

            Hoi, Hoe kunnen we je helpen?