PTSS

Praten met een psycholoog als je PTSS hebt

Iedereen maakt wel eens een verdrietige, angstige of ronduit traumatische gebeurtenis mee in het leven. Hoe we daarop reageren en de herinneringen aan die gebeurtenis verwerken verschilt. Ongeveer 10% van de mensen die een trauma hebben, ontwikkelt als gevolg van dat trauma een stressstoornis. Dit noemen we een posttraumatische stressstoornis (PTSS) en dit kan heftige klachten opleveren en verregaande gevolgen hebben. Gelukkig is PTSS vaak heel goed te behandelen. Heb jij PTSS of vermoed je dat je dat hebt? Laat een psycholoog je dan helpen.

Wanneer heb je PTSS?

Als stressklachten na een traumatische gebeurtenis niet verdwijnen, onnodig lang aanhouden of zelfs erger worden, spreken we van PTSS. PTSS wordt vaak geassocieerd met traumatische gebeurtenissen zoals oorlogssituaties, rampen, overvallen, ongelukken of misbruik, maar in theorie is er geen enkel trauma dat ‘niet erg genoeg is’ om PTSS te veroorzaken. Zo kan een stressstoornis ook ontstaan na ziekte, een bevalling, het overlijden van een dierbare, of zelfs na een relatiebreuk of ontslag.

Klachten

Bij PTSS ervaar je klachten die te maken hebben met de herinneringen aan het trauma: flashbacks, angst of paniek, woede, of depressieve gevoelens. Vaak vermijden mensen met PTSS bepaalde locaties of activiteiten die hen aan het trauma doen denken. Ook herinneringen worden zoveel mogelijk onderdrukt en weggestopt.

In therapie voor PTSS

De behandeling van PTSS is vaak confronterend en emotioneel. Praten over het trauma en herinneringen ophalen zijn namelijk belangrijke onderdelen van de behandeling. Dat is voor de patiënt niet eenvoudig, maar wel effectief. Er zijn verschillende behandelingen voor PTSS waarvan het succes wetenschappelijk bewezen is. 

EMDR

Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) is een van de bekendste behandeltechnieken voor mensen met PTSS. De therapeut vraagt je hierbij op het trauma te focussen en tegelijkertijd zijn of haar handbewegingen met je ogen te volgen. Het effect hiervan is dat de herinnering aan het trauma in je hersenen van het ‘langetermijngeheugen’ naar het ‘werkgeheugen’ wordt verplaatst, maar daar eigenlijk niet genoeg ruimte en aandacht krijgt, omdat het werkgeheugen ook bezig is met de visuele stimulansen. De herinnering wordt hierdoor na afloop van de oefening in een veranderde, onvolledige of minder intense vorm weer in het langetermijngeheugen opgeslagen. Op deze manier worden de herinneringen dus minder overweldigend. 

Cognitieve gedragstherapie

Binnen de cognitieve gedragstherapie worden de volgende twee methoden ook met succes toegepast op mensen met trauma. 

  • Imaginaire exposure: hierbij praat je met de psycholoog over het trauma en de nare herinneringen. In plaats van deze herinneringen uit de weg te gaan, blijf je erover praten. Door te leren erover te praten, krijg je steeds meer controle over de emoties die deze herinneringen oproepen. Het gevolg hiervan is dat je in het dagelijks leven steeds minder last van die emoties hebt. Ook zal je minder de neiging hebben ze te vermijden.
  • Narratieve exposure: afhankelijk van het trauma is het ook mogelijk tijdens het praten over het trauma te focussen op de positieve aspecten ervan. Hierbij kan ook geprobeerd worden het trauma in de context van de rest van je leven te plaatsen en de positieve effecten ervan onder de loep te leggen. Zo herschrijf je de herinneringen als het ware, waardoor je het trauma beter een plekje kunt geven.

Professionele psycholoog voor PTSS

Het spreekt voor zich dat elke situatie, elk trauma en elke patiënt uniek is. De drempel om hulp te zoeken is voor mensen met PTSS bovendien vaak erg hoog. De behandeling van PTSS vereist dan ook maatwerk en een zeer voorzichtige aanpak. De behandeling verloopt stap voor stap en wordt volledig aangepast aan waar jij aan toe bent. Zo zal in eerste instantie vooral aandacht besteed worden aan je klachten en wordt er echt niet van je verwacht dat je direct in detail over het trauma vertelt. 

Uiteindelijk zal je het trauma zelf moeten verwerken en dat is geen eenvoudig proces. Een psycholoog zal je hierbij op professionele wijze ondersteunen en begeleiden. Bij een psycholoog die gespecialiseerd is in de behandeling van trauma ben je in goede handen.

 

Eerst even kennismaken?

Vraag een vertrouwd online gesprek aan met een van onze online psychologen.

    psychiater en client

    Is een psychiater ook een psychotherapeut?

    Het aantal verschillende zorgverleners in de geestelijke gezondheidszorg is groot. Voor een buitenstaander is het vaak onduidelijk wat elk type zorgverlener nu precies doet. In de volksmond worden psychologische termen en titels van hulpverleners dan ook regelmatig door elkaar gebruikt. Twee specialisten wiens vakgebieden dicht bij elkaar liggen, maar wel degelijk verschillen, zijn de psychotherapeut en de psychiater. Wat is het verschil tussen die twee? En is een psychiater eigenlijk ook een psychotherapeut?

    Wat is een psychotherapeut?

    Opleiding

    Als je psychotherapeut wil worden, moet je een specifieke vooropleiding hebben afgerond. Een vierjarige universitaire studie psychologie, pedagogiek of gezondheidswetenschappen is verplicht. Hierbij moet de afstudeerrichting geestelijke gezondheidskunde gekozen zijn. Ook een artsexamen of doctoraalexamen in de psychologie geeft je toegang tot de opleiding tot psychotherapeut. 

    De opleiding tot psychotherapeut duurt nog eens vier jaar, waarvan het grootste gedeelte bestaat uit het opdoen van praktijkervaring. Psychotherapeuten in opleiding moeten ook verplicht zelf in ‘leertherapie’. Zo weten ze zelf dus ook precies hoe het is om psychotherapie te ondergaan.

    Titel

    Na het afronden van de opleiding moet een psychotherapeut zich laten registreren in het BIG-register. Dit register wordt door de overheid beheerd en functioneert in de praktijk als een soort keurmerk van deskundigheid voor artsen en andere hulpverleners in de gezondheidszorg. In het BIG-register staan alle bevoegdheden van de hulpverlener vermeld. Ook staat omschreven aan welke eisen hij of zij dient te voldoen. De registratie wordt elke vijf jaar herzien. Psychotherapeuten zijn dan ook verplicht regelmatig cursussen te volgen om hun kennis up-to-date te houden en aan de eisen van het BIG-register te blijven voldoen. De titel van psychotherapeut is in Nederland beschermd.

    Psychotherapie

    Een psychotherapeut behandelt mensen die ernstig geestelijk lijden of complexe psychische klachten hebben. Psychotherapie is daarom vaak intensief en langdurig. Hiermee onderscheidt de psychotherapeut zich van de (gz-)psycholoog, die vaak minder heftige psychische problemen behandelt.

    Wat is een psychiater?

    Opleiding

    Een psychiater is op de eerste plaats een arts. Om psychiater te worden, moet je namelijk de zesjarige opleiding geneeskunde hebben afgerond. Daarna volg je de opleiding tot psychiater, die vier en een half jaar duurt. Tijdens deze opleiding specialiseer je je in kinder- en jeugdpsychiatrie, volwassenenpsychiatrie of ouderenpsychiatrie. Ook kan gekozen worden voor een focus op bepaalde deelgebieden, zoals verslavingspsychiatrie, ziekenhuispsychiatrie of psychiatrie voor geestelijk gehandicapten.

    De opleiding tot psychiater besteedt aandacht aan verschillende vakgebieden, zoals klinische psychiatrie, spoedeisende psychiatrie en ambulante psychiatrie. Ook het vakgebied van psychiatrische psychotherapie komt aan de orde. Hiermee is de opleiding tot psychotherapeut volledig in de opleiding tot psychiater geïntegreerd.

    Titel

    Ook de titel van psychiater is beschermd en je vindt psychiaters ook terug in het BIG-register. Het grootste verschil met een psychotherapeut is dat een psychiater een medisch specialist is.

    Psychiatrie

    Omdat een psychiater arts is, heeft hij of zij de bevoegdheid medicatie voor te schrijven, lichamelijk onderzoek uit te voeren, en laboratoriumtests aan te vragen en de resultaten daarvan te beoordelen. Psychiaters spelen daarom een belangrijke rol in de behandeling van patiënten bij wie medicatie noodzakelijk is. Dit is bijvoorbeeld het geval bij mensen met schizofrenie, dwangstoornissen of heftige verslaving. Ook psychoses en bepaalde persoonlijkheidsstoornissen worden met medicatie behandeld. Vaak werken verschillende specialisten bij een dergelijke behandeling samen. Sta jij bijvoorbeeld voor een zware depressie onder behandeling bij een psycholoog? Dan moet er alsnog een psychiater aan te pas komen om jou antidepressiva te mogen voorschrijven.

    Een afgestudeerd psychiater is dus ook psychotherapeut. Maar waar een psychotherapeut zich het meest op psychotherapie focust, bekijkt een psychiater zijn patiënten vanuit een medisch perspectief. 

     

    Eerst even kennismaken?

    Vraag een vertrouwd online gesprek aan met een van onze online psychologen.

      overspannen

      Het verschil tussen stress, overspannenheid en een burn-out

      Iedereen heeft het tegenwoordig druk en krijgt te maken met stress. We kennen allemaal wel iemand die overspannen is of ‘met een burn-out thuis zit’. Stressgerelateerde termen worden in de volksmond veel door elkaar gebruikt. Maar er zijn belangrijke verschillen. Hoe herken je stress, overspannenheid en een burn-out? En in welk stadium moet je aan de bel trekken?

      Stress

      Met stress krijgen we allemaal wel eens te maken. Toen die grote deadline steeds dichterbij kwam of toen je dat extra project had aangenomen. Of die keer dat zich een onverwachte situatie voordeed die veel aandacht opeiste. Stress is doorgaans van korte duur en vaak kun je van te voren al uitkijken naar het moment dat je leven minder stressvol wordt – zodra die grote deadline is ingeleverd, bijvoorbeeld.

      Aanhoudende stress

      Soms blijven zich stressvolle situaties aandienen of zijn we zelf niet goed in staat rust te nemen. De spanning die door stress veroorzaakt wordt, is dan blijvend. Je staat continu onder druk en dat uit zich in verschillende lichte stress-symptomen:

      • Een opgejaagd gevoel.
      • Piekeren en slaapproblemen, en als gevolg daarvan vermoeidheid.
      • Concentratieproblemen, waardoor je slechter presteert en de kwaliteit van je werk afneemt.
      • Stemmingswisselingen, waardoor je snel prikkelbaar bent en je sociale contacten eronder lijden.
      • Hoofd- en buikpijn of nek- en schouderklachten.
      • Een toename in het alcohol- of medicijngebruik om de symptomen tijdelijk te onderdrukken.

      Stress verminderen

      Herken jij jezelf in deze symptomen? Trek dan direct aan de bel. Het is waarschijnlijk nog niet nodig professionele hulp te zoeken, maar het is wel zaak dat je de bron van de stress zoveel mogelijk wegneemt. Ga met je baas in gesprek, besteed een groot project uit, stop met bepaalde activiteiten of neem simpelweg meer tijd voor jezelf. 

      Overspannenheid

      Blijft stress te lang aanhouden, dan kan het omslaan in overspannenheid. Dit merken we vaak pas als er onverwacht iets gebeurt dat we er niet meer bij kunnen hebben. De stressklachten nemen dan in ernst toe en beginnen je functioneren echt in de weg te staan. Symptomen van overspannenheid zijn:

      • angst- en paniekklachten, hyperventilatie of hartkloppingen
      • neerslachtigheid en plotselinge huilbuien
      • een gevoel van uitputting
      • geheugenproblemen, vergeetachtigheid en verwardheid
      • een overgevoeligheid voor prikkels van buitenaf
      • vreemde lichamelijke klachten, zoals tintelende spieren, een beperkt zicht of oorsuizen
      • een verhoogde bloeddruk
      • darmproblemen

      Overspannenheid behandelen

      Bij overspannenheid is het duidelijk dat er iets aan de situatie moet veranderen. Het goede nieuws is dat dit ook goed mogelijk is. Overspannenheid is relatief eenvoudig omkeerbaar: zodra je de bron van de stress wegneemt, verdwijnt de overspannenheid vaak al binnen enkele weken. Het is wel verstandig hierbij hulp van een psycholoog te zoeken. Een psycholoog kan je in dit proces begeleiden en je tips geven om ervoor te zorgen dat je teveel stress in de toekomst voorkomt.

      Burn-out

      Blijf je overspannenheid toch negeren, dan pleeg je ernstige roofbouw op je lichaam. Overspannenheid gaat dan langzaam over in een burn-out. Wanneer overspannenheid eindigt en een burn-out begint is niet duidelijk aan te geven. De klachten en symptomen zijn grotendeels hetzelfde. Het verschil tussen de twee is de mate van fysieke uitputting van je lichaam. Als je jarenlang je grenzen blijft negeren, zijn al je energiereserves uiteindelijk opgebruikt. Dit kan ernstige gevolgen hebben:

      • een compleet onvermogen de simpelste taken uit te voeren
      • serieuze lichamelijke uitvalverschijnselen
      • extreme overgevoeligheid voor prikkels, zoals door visite, muziek of de televisie
      • gevoelens van faalangst, weinig eigenwaarde en depressie

      Burn-out genezen

      Even bijtanken is in het geval van een burn-out niet meer de oplossing. Een burn-out is niet zomaar omkeerbaar. Sommige mensen met een burn-out moeten daarom meer dan een jaar stoppen met werken. Alhoewel het herstel draait om rust, is deskundige begeleiding door een psycholoog essentieel. De burn-out is veroorzaakt door het jarenlang negeren van je eigen grenzen. Je moet zien te achterhalen hoe dit heeft kunnen gebeuren om ervoor te zorgen dat het in de toekomst niet weer gebeurt. In therapie leer je je overtuigingen, gedachten en gedrag te veranderen en jezelf een nieuwe levensstijl aan te meten. Met die nieuwe levensstijl behoud je in de toekomst de controle over je energie en de regie over je leven.

       

      Eerst even kennismaken?

      Vraag een vertrouwd online gesprek aan met een van onze online psychologen.

        bang

        Hulp bij angststoornissen en paniekaanvallen

        Heb je regelmatig last van angst- of paniekaanvallen? En ben je bezorgd dat je misschien een angststoornis ontwikkeld? Je bent lang niet de enige. Bijna één op de vijf volwassenen in Nederland heeft momenteel een angststoornis of heeft er één gehad. Angststoornissen komen met name onder adolescenten en jongvolwassenen voor, en meer bij vrouwen dan bij mannen. Angst kan een grote invloed op je functioneren hebben en je leven volledig beheersen.

        Wat is een angst- of paniekstoornis?

        Angst is een cruciale emotie die ons tegen gevaar beschermt en in sommige gevallen van levensbelang is. Wanneer gevaar dreigt, worden we bang en bereid ons lichaam zich voor op vluchten of vechten. Die voorbereiding gaat gepaard met een verhoogde hartslag, een snellere ademhaling en veel spanning op de spieren. Zo ben je klaar het gevaar op wat voor manier dan ook af te wenden.

        Angstklachten

        Onder normale omstandigheden is angst vaak van korte duur. Het duurt totdat het gevaar geweken is, of tot het moment dat we inzien dat datgene waar we van geschrokken zijn geen echt gevaar is. We spreken van een angststoornis als angstklachten te lang blijven aanhouden of zonder aantoonbare reden ontstaan. Dit staat al gauw het normaal functioneren in de weg en zorgt voor onnodig lijden.

        Paniekaanvallen

        Angst kan op bepaalde momenten zo hoog oplopen dat het in paniek omslaat. Zo’n aanval van paniek duurt ongeveer tien minuten en kenmerkt zich door het in rap tempo verergeren van de angstklachten. Mensen met een paniekaanval hebben last van hartkloppingen en hyperventilatie, waardoor ze het idee hebben de controle over het eigen lichaam kwijt te zijn. Dit resulteert in de angst om gek te worden, een hartaanval te krijgen of zelfs dood te gaan.

        Symptomen angststoornis

        De symptomen van een angststoornis zijn gedeeltelijk psychisch, maar grotendeels lichamelijk. Soms zijn mensen met een angststoornis dan ook bang dat er lichamelijk iets aan de hand is, maar dat is vaak niet het geval.

        Lichamelijke symptomen

        • duizeligheid of wazig zien
        • misselijkheid of buikpijn
        • hoofdpijn
        • een verdoofd gevoel of tintelende armen, handen en vingers
        • stijve, bijna verlamde spieren, trillen, spiertrekkingen of juiste een hoge spierspanning
        • hartkloppingen
        • kortademigheid, hyperventilatie, benauwdheid of het gevoel hebben te stikken
        • vermoeidheid en slaapproblemen
        • blozen
        • zweten
        • een droge keel

        Psychische symptomen

        • prikkelbaarheid en rusteloosheid
        • aanhoudende bezorgdheid en overmatig piekeren

        Oorzaken en gevolgen angststoornis

        In sommige gevallen is trauma de oorzaak van een angststoornis. Meestal is de angststoornis dan onderdeel van wat we Post Traumatic Stress Syndrome (PTSS) noemen. Hiervoor bestaan specifieke behandelmethoden die gericht zijn op het verwerken van het trauma. In andere gevallen is het vaak onduidelijk hoe een angststoornis precies ontstaat. Vaak spelen meerdere factoren, zoals stress en problemen op emotioneel of relationeel gebied een rol.

        De gevolgen van een onbehandelde angststoornis zijn echter groot. Als angst vaak tot paniekaanvallen leidt, ga je bepaalde situaties bijvoorbeeld steeds meer uit de weg. Vaak vermijden mensen met een angststoornis plaatsen waar ze niet snel weg kunnen komen, zoals festivals of concerten, het openbaar vervoer of grote warenhuizen. Het vermijden van dit soort situaties resulteert al gauw in een dwangstoornis, waarbij dwangmatig wordt gecontroleerd of toekomstige situaties mogelijk angst opleveren. Gaat dit je leven in verregaande mate beheersen, dan loop je het risico een depressie te ontwikkelen.

        Behandeling angststoornis

        Cognitieve gedragstherapie

        De meest toegepaste behandeltechniek voor angststoornissen is cognitieve gedragstherapie. In tegenstelling tot rustgevende medicatie, die enkel de symptomen van angst bestrijdt, behandelt cognitieve gedragstherapie de bron van de angst: je gedachten. De therapie gaat ervan uit dat angst niet ‘zomaar’ ontstaat of door een bepaalde situatie getriggerd wordt, maar dat je gedachten (over een bepaalde situatie) de boosdoener zijn.

        Mensen met een angststoornis hebben vaak onbewust bepaalde denkpatronen die een angstreactie veroorzaken. Door deze denkpatronen onder de loep te leggen, krijg je er meer grip op. Zo leer je de angstreacties uiteindelijk onder controle te krijgen. In dit praktijk wordt dit geoefend door bewust de confrontatie aan te gaan met situaties die angst oproepen.

        Ademhalingsoefeningen

        Als je veel last hebt van paniekaanvallen, hyperventilatie en hartkloppingen, dan kan ademhalingstherapie een waardevolle aanvulling op de therapie zijn. Het controleren van je ademhaling vermindert hartkloppingen en heeft zo een positief effect op de lichamelijke component van een paniekaanval.

        Bij zo’n 70% van de patiënten heeft therapie bij een psycholoog een positieve uitwerking, waardoor de angststoornis gedeeltelijk of geheel overwonnen wordt. Zo worden ernstige psychische klachten voorkomen en krijg je weer grip op je leven.

         

        Eerst even kennismaken?

        Vraag een vertrouwd online gesprek aan met een van onze online psychologen.

          depressief

          Kan een psycholoog helpen bij een eetstoornis?

          Voor mensen die het niet zelf of van dichtbij hebben meegemaakt, is het soms lastig te begrijpen. De oplossing voor een eetstoornis is toch heel simpel? ‘Gewoon’ gezond gaan eten! Helaas is het niet zo eenvoudig, want eetstoornissen zijn psychische aandoeningen, geen lichamelijke. Eetstoornissen kenmerken zich door verstoord eetgedrag en (vaak) een obsessie met uiterlijk en gewicht, maar de oorzaken hiervan zijn psychisch. Heb jij een eetstoornis? Dan kan een psycholoog je wellicht goed helpen. 

          Typen eetstoornissen

          De meeste eetstoornissen hebben met elkaar gemeen dat de patiënt een verstoord lichaamsbeeld heeft en bang is om dik te worden. Het gevolg hiervan is het obsessief bezig zijn met gewichtsbeheersing. Hoe dit zich uit, verschilt per eetstoornis. De verschillende eetstoornissen hebben vaak ook verschillende oorzaken en daarmee verschillende behandelmethoden.

          Anorexia nervosa

          Mensen met anorexia nervosa hebben een zodanig verstoord lichaamsbeeld dat ze altijd denken te dik te zijn, ondanks het feit dat ze als gevolg van de aandoening (sterk) ondergewicht hebben. Lijd jij aan anorexia nervosa, dan ben je continu bezig met afvallen – door te weinig te eten en overmatig te sporten (het beperkende type) of door te weinig te eten, te braken en laxeermiddelen te gebruiken (het purgerende type). Een gebrek aan grip op het leven, de behoefte aan controle en overmatig perfectionisme kunnen aan anorexia nervosa ten grondslag liggen.

          Boulimia nervosa

          Bij boulimia nervosa is obsessief lijnen, sporten, braken en laxeermiddelengebruik het gevolg van (en de compensatie voor) ongecontroleerde eetbuien. Mensen die aan deze stoornis lijden hebben meestal een normaal of sterk wisselend gewicht. De eetbuien dienen vaak als troost en komen voort uit eenzaamheid, verveling of het niet weten om te gaan met nare gebeurtenissen uit het verleden.

          Binge Eating Disorder (BED)

          BED is vergelijkbaar met boulimia, maar mensen die aan deze stoornis lijden voelen na een eetbui niet de behoefte te compenseren. Zij hebben dan ook vaak overgewicht of obesitas, met veel lichamelijke klachten tot gevolg.

          Orthorexia nervosa

          Orthorexia nervosa is altijd onderdeel van een andere stoornis en staat niet op zichzelf. Mensen met orthorexia nervosa hebben een obsessie voor gezond eten en zijn dan ook bang voor ongezonde voeding.

          Pica

          Mensen met pica hebben de drang om oneetbare dingen te eten, bijvoorbeeld zand, klei, aarde of steentjes. De stoornis heeft niks met gewichtsverlies of een verstoord lichaamsbeeld te maken. Pica komt veel voor bij jonge kinderen en vaak in combinatie met een ontwikkelingsstoornis, zoals autisme.

          Avoidant or Restrictive Food Intake Disorder (ARFID)

          ARFID is pas in 2013 officieel als eetstoornis erkend. Lijd je aan deze stoornis, dan vermijd je voedselproducten met een bepaalde kleur, smaak, geur of textuur. Naast aantoonbare, lichamelijke oorzaken zoals een allergie of intolerantie, kunnen traumatische gebeurtenissen of emotionele problemen ARFID veroorzaken.

          Ruminatiestoornis

          Mensen met een ruminatiestoornis voelen de drang voedsel te ‘herkauwen’. Voedsel wordt opgerispt, opnieuw gekauwd en weer doorgeslikt, of uitgespuugd. Ook deze stoornis komt met name bij jonge kinderen voor en vaak in combinatie met een ontwikkelingsstoornis.

          Eetstoornis Niet Anderszins Omschreven (NAO)

          De afkorting NAO wordt gebruikt voor mensen die kenmerken van verschillende aandoeningen vertonen of niet geheel aan de voorwaarden voor één stoornis voldoen. Obsessieve gedachten over eten of gewicht spelen wel de hoofdrol.

          Psychische gevolgen eetstoornissen

          Naast de vele, soms zeer ernstige, lichamelijke gevolgen van eetstoornissen, hebben patiënten ook vaak veel last van de psychische gevolgen ervan. Eten in gezelschap is voor de meeste mensen met een eetstoornis zeer beangstigend of simpelweg onmogelijk. Dit komt door schaamte of de angst de controle te verliezen. Een sociaal isolement en eenzaamheid komt bij patiënten dan ook veel voor. Dit kan op den duur tot ernstige klachten leiden, zoals angststoornissen en depressie.

          Behandeling eetstoornis psycholoog

          Cognitieve gedragstherapie

          Lijd jij aan een eetstoornis, dan is het belangrijk zo snel mogelijk hulp van een psycholoog in te schakelen. Hoe de behandeling van jouw eetstoornis eruitziet, is afhankelijk van het type eetstoornis, je klachten en de vermoedelijke oorzaken van de stoornis. Cognitieve gedragstherapie werkt in veel gevallen echter heel effectief. Hierbij worden de dwangmatige gedachten over voeding onder de loep genomen en onderzocht hoe deze vervangen kunnen worden door minder obsessieve en meer positieve gedachten.

          Gedragsverandering

          Daarnaast worden manieren gevonden om ongewenste gedragspatronen, zoals het teveel of te weinig eten, het overmatig sporten, het braken en het slikken van laxeermiddelen, te doorbreken. Veel mensen met een eetstoornis hebben bepaalde ‘eetregels’ voor zichzelf opgesteld. Deze worden aan de hand van therapie minder belangrijk en uiteindelijk onnodig. Tegelijkertijd wordt in de behandeling gezocht naar manieren waarop gewenst gedrag, zoals het regelmatig eten van kleine porties, kan worden aangeleerd.

          Thema’s

          Afhankelijk van de problematiek die bij jouw stoornis centraal staat, focust de therapie op thema’s als onzekerheid, perfectionisme en een negatief zelfbeeld. Ook leer je op andere manieren om te gaan met emoties, zoals woede, angst of teleurstelling.

          Met de juiste psychologische hulp overwint de helft van de patiënten de eetstoornis volledig. Bij de overige patiënten verminderen de klachten vaak significant, waardoor de lichamelijke gezondheid en de kwaliteit van leven flink toeneemt.

           

          Eerst even kennismaken?

          Vraag een vertrouwd online gesprek aan met een van onze online psychologen.

            Hoi, Hoe kunnen we je helpen?